De border terriër is zoals de rasliefhebbers weten een werkend ras, dat van origine werd ingezet voor de jacht op de vos, das, marter en kleiner wild. Voor de border zou het natuurlijk geweldig zijn als er dagelijks voldoende tijd werd besteed aan op zijn aanleg als jager afgestemde spelletjes, zoals spoortjes uitzetten en het verstoppen van een jachtbuit in een nagebootst gangenstelsel zodat hij het werk onder de grond kan uitoefenen waarvoor hij is gemaakt.

De hondensport kan echter een leuk alternatief bieden om je bordertje zijn werkdrift op een andere manier te laten uiten en zijn voldoening te geven op dit gebied. De agility in het bijzonder is wat dat betreft echt plezier voor twee: baas en hond vormen samen een team en worden als zodanig lichamelijk en geestelijk uitgedaagd in deze sport.

Eind jaren '70 werd de agility, ook wel behendigheidssport genoemd, in Nederland geïntroduceerd. In eerste instantie was er nog weinig animo voor deze actieve sport voor baas en hond, maar inmiddels heeft het zich ontwikkeld tot een erkende wedstrijdsport. Cynophilia heeft in samenwerking met O&O gezorgd voor een programma, reglementen en organisatierichtlijnen voor de K.C.'s die zich met Agility willen bezighouden. Zo worden per jaar ca. 40 wedstrijden georganiseerd, met gemiddeld per wedstrijd ongeveer 300 deelnemers. Cynophilia organiseert ook de selectiewedstrijden voor de Nederlandse- en Wereldkampioenschappen. Daarnaast zijn er natuurlijk veel mensen die deze sport gewoon voor de fun bij hun kynologen club beoefenen. Kortom, deze (wedstrijd)sport leeft onder veel liefhebbers. Maar wat houdt deze sport nou precies in?

Agility is een vorm van hondensport, waarbij baas en hond zo snel mogelijk en liefst zonder fouten samen een parcours moeten afleggen. Het parcours is vergelijkbaar met een springparcours voor paarden, met dat verschil dat bij de agility een grotere verscheidenheid aan hindernissen bestaat. Als baas ren je met de hond mee, maar je mag de hond en/of de hindernissen niet aanraken en zelf niet over de hindernissen heen springen. Het geven van (non-verbale) commando’s staat geheel vrij, maar je mag tijdens de wedstrijden geen speeltjes of voer gebruiken. De hond moet dus heel goed leren om op gesproken aanwijzingen en op lichaamssignalen snel en op de juiste manier te reageren.

Er gaat heel wat aan vooraf voordat je zover bent om wedstrijden te kunnen lopen. Bij veel KC’s moet je eerst een basiscursus gehoorzaamheid hebben afgerond alvorens je aan de behendigheidscursus mag beginnen. Daarnaast is het belangrijk dat de hond volgroeid is en over een goede conditie beschikt, want deze sport vergt veel van het lichamelijke vermogen van de hond. Je kunt natuurlijk op jonge leeftijd al spelletjes en oefeningen doen gericht op de behendigheid, maar je kunt beter je hond fysiek nog niet te zwaar gaan belasten.

De hond moet in eerste instantie de toestellen aanleren. Bij de ene hond duurt dat langer dan bij de andere, maar neem hier de tijd voor. Zoals bij alle sporten is een goede basis ontzettend belangrijk. De volgende stap is een aantal toestellen achter elkaar, waarbij steeds meer de zelfstandigheid van de hond op de proef wordt gesteld, en tot slot een heel parcours. Het is een heel traject, maar gaandeweg wordt de band met je hondje steeds sterker. Wat daar gaat het om: hoe beter baas en hond op elkaar ingespeeld zijn en samen werken, des te meer garantie op succes en plezier voor twee!

Lijkt het u ook wel wat om met uw bordertje aan de slag te gaan? Neem dan eens een kijkje bij een kynologen club in uw omgeving. Deze kan u vast verder helpen met de eerste stappen in de behendigheidswereld.

Interessante links:

 

 

 

Tinki.nl